Magazine van de stichting Vrienden van het Boeddhisme - juni 2015
WELKOM TEKSTEN ARCHIEF STICHTING CONTACT LINKS ZOEKEN

Het Diamant-sūtra

‘Aldus heb ik op een keer gehoord. De Verhevene verbleef eens in Śrāvastī, in het Jeta-bos, het park van Anāthapiṇḑada, samen met een grote schare van monniken, bestaande uit 1250 monniken, en met vele Bodhisattva's, grote wezens’, zo opent het Diamant-sūtra. Heel bijzonder, omdat nu de integrale Nederlandse vertaling uit het Sanskriet van het sūtra van de 'Diamantsnijder' (Vajracchedikā Prajñāpāramitā) voor het eerst digitaal verschijnt. Hulde aan de vertaler Rob Janssen voor wederom een zo belangrijke bijdrage aan het Nederlandstalige boeddhistische erfgoed.
Lees verder

De Diamantsnijder gaat digitaal

Het Diamant-sūtra is sinds eeuwen een populaire tekst. Ruim 1600 jaar geleden verscheen de vertaling in het Chinees en sindsdien in diverse cultuurtalen. De digitale versie van de Nederlandse vertaling is voor Rob Janssen de afronding van een werk dat hij ruim veertig jaar geleden begon, schrijft Jacques den Boer. Den Boer blikt terug op die veertig jaar.
Lees verder

‘Gelukkige Krulhaar’

In dit magazine een wel heel curieuze parabel, die verhaalt over de non Gelukkige Krulhaar, een van de belangrijkste leerlingen van de Boeddha. Wedergeboorte, misdaad, liefde en vervolgens direct inzicht (abhinna): hoe wonderlijk!
Lees verder

Onbevreesd, moedig en kwetsbaar

Een cursus Onbevreesdheid in het dagelijks leven staat er garant voor dat iemand zichzelf tegenkomt, maar ook anderen: vreemden. Vreemd? De column van Guus van Holland is een feest der herkenning.
Lees verder

Ten geleide

onder overdrijving is het de redactie een eer dat de digitale versie van de integrale Nederlandse vertaling van het Diamant-sūtra voor het eerst in dit magazine verschijnt. Hetzelfde geldt voor de commentaren en toelichtingen op de tekst.

Het belang dat nu de vertaling voor eenieder beschikbaar is, blijkt al uit het volgende citaat: ‘De centrale these is dat er geen (permanent, substantieel) zelf bestaat. In dit opzicht sluit het sūtra naadloos aan bij de sūtra’s van de Pali-Canon. Deze these is wellicht de belangrijkste in het gehele boeddhisme. Alleen door de innerlijke realisering van dit feit is verlossing uit deze wereld, dat wil zeggen bevrijding van lijden, mogelijk.’

De parabel en de column zijn voorbeelden van pogingen het besef dat er geen permanent zelf bestaat te realiseren. Wat daarvoor nodig is? Onbevreesdheid, moed en kwetsbaarheid, in het dagelijks leven!